De Fiets in 2020

Er zijn verschillende manieren om de werknemer te stimuleren met de fiets naar het werk te komen. Welke voor u, als werkgever, het gunstigste is moet u zelf bepalen.

  1. Vergoeden van de fiets
    In dit geval koopt de werknemer de fiets en vergoedt u (een deel van) de fiets. De werknemer is eigenaar. De vergoeding is belast loon, maar u mag het bedrag ook als eindheffingsloon aanwijzen. Dan komt het bedrag als een netto vergoeding ten laste van de vrije ruimte.
  2. Verstrekken van de fiets
    U schaft de fiets aan, maar u geeft hem aan de werknemer. Die mag er vervolgens over beschikken. In dit geval wordt de werknemer ook eigenaar en is de aanschaf- c.q. factuurwaarde van de fiets brutoloon. Ook nu mag de werkgever het bedrag als eindheffingsloon aanwijzen.

    In bovenstaande 2 situaties mag er wel een netto vergoeding van maximaal € 0,19 per kilometer betaald worden voor zakelijke reizen waarvoor de fiets gebruikt wordt. Dit mag niet als er sprake is van de volgende situatie:
  3. Ter beschikking stellen van de fiets
    In dit geval blijft de werkgever eigenaar. Als de fiets ook privé gebruikt wordt, is dit privégebruik van de fiets, loon.  De berekening hiervan was voor 2020 een erg ingewikkelde berekening en een grote administratieve last.

Vanaf 2020 wordt dit vereenvoudigd doordat er een vast percentage ad 7% van de aanschaf- of factuurwaarde van de ter beschikking gestelde fiets bij het loon van de werknemer geteld mag worden (de Leasefiets).

Voorbeeld: Als een werknemer in 2020 een elektrische fiets ter beschikking gesteld krijgt van bijvoorbeeld € 1.200, die hij ook privé mag gebruiken, moet de werkgever elk jaar (7% x € 1.200) € 84 bij zijn belast loon tellen. Per maand komt dat neer op € 7.

Het moet voor de nieuwe regels wel écht gaan om een terbeschikkingstelling. De werknemer moet de fiets dus inleveren of afrekenen als hij uit dienst gaat of hem niet langer nodig heeft voor zijn werk.

In alle 3 bovenstaande situaties heeft de werkgever kosten van de aanschaf/vergoeding van de fiets. In situatie 1 en 2 kunnen bovendien nog extra kosten bijkomen als de vrije ruimte overschreden wordt. Dan moet ook nog eens 80% eindheffing betaald worden.

Wil de werkgever geen extra kosten hebben, dan kan er gekozen worden voor de ‘Cafetariaregeling voor de fiets’, het Fietsplan. Dit kan als de werkgever de fiets vergoedt.

De werknemer schaft een fiets aan en zet een (afgesproken) deel van zijn brutoloon om in een netto vergoeding. Deze netto vergoeding wijst u aan als eindheffingsloon t.l.v. de vrije ruimte. U zorgt er tevens voor dat de vrije ruimte niet overschreden wordt, zodat er geen 80% eindheffing betaald hoeft te worden. In dit geval betaalt u minder werkgeverspremies, omdat het SV loon lager wordt, maar wordt wel de vrije ruimte ook iets lager. De werknemer heeft een belastingvoordeel (afhankelijk van zijn persoonlijke situatie).

Om de fiets aan te kunnen schaffen kunt u de werknemer ook nog een renteloze lening aanbieden die in termijnen afgelost kan worden. Het voordeel van deze lening is geen loon voor de werknemer. Hiervoor geldt namelijk een nihil-waardering.

Welke keuze is financieel het gunstigste

Voor de werkgever:
De Leasefiets kost u geld, er moet een budget voor zijn. De fiets via het Fietsplan kost niets. U moet voor het Fietsplan echter wel vrije ruimte hebben, anders kost het 80% aan eindheffing.

Voor de werknemer:
Voor de werknemer is het lastiger te zeggen wat financieel gunstiger is. De bijtelling voor privégebruik van de Leasefiets is een stuk lager dan het bedrag dat bruto betaald moet worden om de fiets met de werkgever te verrekenen. Echter, de Leasefiets wordt nooit eigendom van de werknemer en de fiets via het Fietsplan wel. Daarnaast is er bij een Leasefiets geen recht meer op een reiskostenvergoeding voor de zakelijke kilometers die met de fiets gemaakt worden.

Zie ook voor meer informatie de site van ANWB.

Geplaatst in Nieuws.